Het optimaliseren van conversie¹ wordt steeds belangrijker. Het wordt immers steeds moeilijker en duurder om veel bijkomend verkeer op je site te krijgen.

En dus kun je er maar beter voor zorgen dat zoveel mogelijk bezoekers ook daadwerkelijk converteren. Als je best wel al wat verkeer op je site hebt, dan is je conversieratio verhogen vaak een winstgevendere activiteit dan het aantrekken van nieuwe bezoekers.

Ga niet op je instinct af

Het optimaliseren van je conversie kun je niet uit de losse pols doen. Je kunt niet zomaar naar een pagina kijken en zeggen wat er mis mee is. Ik ben zelf een ‘conversie optimalisatie specialist‘ en heb dus heel wat ervaring met het optimaliseren van sites. En toch heb ik het nog vaak bij het verkeerde eind als ik puur op mijn instinct af ga.

Je hebt immers data en inzicht in je bezoekers nodig om met zekerheid te kunnen bepalen wat er nu mis is met je site. Om te bepalen waarom je klanten niet converteren. En daar heb je tools voor nodig, veel tools.

Google Analytics zegt je WAAR, niet WAAROM

Waarschijnlijk heb je Google Analytics op je site staan. GA is een geweldige tool. Je kunt er belachelijk veel informatie uithalen. Maar in tegenstelling tot wat je misschien denkt, is het lang niet voldoende om te bepalen wat je nu aan je site moet verbeteren.

De reden is simpel: Google Analytics toont je WAAR het fout loopt. Maar het toont je niet WAAROM het daar fout loopt. Stel, je ziet in je Analytics-rapport het volgende gebeuren:

Google Analytics

In stap 2 van je checkout heb je nog 1103 mensen. In stap 3 slechts 620. Met andere woorden: ruim de helft (!) van je bezoekers raakt niet verder dan stap 2. Er is dus duidelijk een probleem in de tweede stap van je checkout.

Goed, nu weten we WAAR er zich een probleem voordoet. We moeten proberen die pagina te optimaliseren. Maar WAT gaat er nu precies fout? WAAROM haken mensen af? Dat kun je niet zien in Google Analytics. Dan maar gewoon even naar de pagina kijken en gokken wat er fout loopt? Niet echt verstandig. Want misschien ‘fiks’ je wel zaken die eigenlijk niet ‘kapot’ waren. Je hebt dus meer data nodig. En meer inzicht in het gedrag van je bezoekers. En daar heb je andere tools dan Google Analytics voor nodig.

Tools voor kwantitatief onderzoek

  • Google Analytics (GA): uiteraard. Zonder Google Analytics (of een andere tool zoals Kissmetrics of Mixpanel) vlieg je volledig blind.
  • Paditrack: de Conversion Funnel Tracking van Paditrack is een mooie aanvulling voor Google Analytics. Als je in Google Analytics vandaag een funnel² opzet, kun je niet zien hoe die funnel het vorige maand deed. GA past de funnel immers niet retroactief toe op de data. Bovendien kun je in GA ook geen segmenten toepassen op je funnel. En net in die segmenten zit er vaak heel wat interessante informatie verborgen. Met de Conversion Funnel Tracking van Paditrack kun je én retroactief funnels aanmaken én segmenten toepassen op je funnels. En het mooie is: het is volledig gratis.

conversieratio

  • Decibelinsight: Decibelinsight is op korte tijd één van mijn favoriete tools geworden. Met Decibelinsight kun je onder andere clickmaps aanmaken (om te zien waar op de pagina’s je bezoekers klikken), scrollmaps (om te zien tot waar je bezoekers scrollen) en ‘user session replays’. Met dat laatste kun je een video bekijken van het klikgedrag van elke bezoeker op je site. Decibelinsight is gratis tot 5000 paginaweergaves per maand. Enkele alternatieven voor Decibelinsight zijn onder andere Sessioncam, Clicktale, Mouseflow en Inspectlet.
  • Formisimo: een onmisbare tool als je formulieren op je site hebt. Bezoekers haken vaak af op een formulier. Maar waar loopt het precies mis? Dat vertelt Formisimo: je ziet hoe veel mensen je formulier beginnen in te vullen maar uiteindelijk afhaken, maar vooral: Formisimo geeft je ook statistieken over de exacte invulvelden waar mensen afhaken. Superbruikbare informatie om je formulieren te verbeteren dus.

Waar haken mensen af in formulieren?

Tools voor kwalitatief onderzoek

  • Whatusersdo: met Whatusersdo kun je gemakkelijk gebruikerstesten (user tests) opzetten. Whatusersdo beschikt over een uitgebreid panel testers die jouw site testen. Die testers zijn geen experts, maar ‘leken’. En dat is het mooie eraan: je ziet hoe een gewone bezoeker jouw site ervaart. Een user test is erg simpel op te zetten: je bepaalt welke taken je tester moet doen en Whatusersdo stuurt je test vervolgens uit naar het panel. Zij moeten de taken uitvoeren en intussen worden hun acties op je site opgenomen op video. Ze moeten ook hardop commentaar geven bij wat ze aan het doen zijn. Zulke video’s geven vaak fantastische inzichten in hoe een bezoeker jouw site ervaart. Met 5 à 10 testers zul je de belangrijkste problemen van je site ontdekken.
    Er zijn heel wat sites met user tests op de markt, maar de meeste sites richten zich op de Engelstalige markt. Whatusersdo is zowat de enige met een uitgebreid Nederlandstalig panel. Heb je een Engelse site, dan kun je zeker ook de site Usertesting overwegen.
  • Google Forms: dit lijkt de vreemde eend in de bijt, maar niets is minder waar. Ik gebruik Google Forms voor zowat elk conversieoptimalisatietraject waarop ik werk. Je kunt er in 5 minuten een enquête mee opzetten die je naar je klanten kunt versturen. Bovendien krijg je de antwoorden van je enquête in een overzichtelijke spreadsheet zodat je vraag per vraag makkelijk kunt analyseren. Superhandig. En gratis. Wil je dat het er wat ‘fancier’ uitziet? Dan kun je ook terecht bij bijvoorbeeld TypeForm of SurveyGizmo.
  • Qualaroo: met een enquête die je met Google Forms maakt, kun je klanten bevragen waarvan je het e-mailadres hebt. Maar wat als je je huidige bezoekers wilt bevragen? Van hen heb je immers geen gegevens om hen te contacteren. Dan kun je Qualaroo (of een alternatief zoals Webengage) gebruiken. Met Qualaroo kun je eenvoudige vragen stellen aan je bezoekers. Vraag alleen niet te veel tegelijk. Beperk je tot maximaal 2 vragen. Die vragen verschijnen dan in een venster onderaan. Zoals bijvoorbeeld deze Qualaroo-enquête die op Zuidoost-Azië Magazine staat:

Voorbeeld enquete

  • Crossbrowsertesting: het is belangrijk dat je je site goed test op alle mogelijke browsers en toestellen. Natuurlijk moet je niet al die toestellen zelf aanschaffen. Je kunt via Crossbrowsertesting gemakkelijk simuleren hoe je site eruitziet en reageert op de verschillende toestellen en browsers. Waarom wil je dit doen? Simpel: als blijkt dat bijvoorbeeld je checkout niet werkt op een bepaalde browserversie die door 20% van je bezoekers wordt gebruikt, dan verlies je heel wat conversies. Als je zo’n fout vindt, spring dan gerust een gat in de lucht. Want dit is vaak vrij eenvoudig op te lossen en je zult het verschil meteen merken in je portemonnee. Alternatieven voor Crossbrowsertesting zijn onder meer Browserstack en Sauce Labs.

Test-tools

Als je voldoende verkeer op je site hebt, kun je gaan A/B-testen. Bij een A/B-test krijgt 50% van je bezoekers versie A te zien en 50% versie B. We kijken dan eenvoudigweg welke versie best presteert: versie A of versie B. Om een A/B-test op te zetten, kun je gebruikmaken van onder meer volgende tools:

  • Google Content Experiments: in Google Analytics kun je heel eenvoudig een A/B-test opzetten. Je maakt eerst een B-versie aan van de pagina die je wilt testen en zet die op een aparte URL. En vervolgens zet je alles op in GA. Ga naar ‘Gedrag’ > ‘ Experimenten’ en klik dan op ‘Experiment maken’. Vul vervolgens alle gegevens in die Analytics vraagt en je experiment is klaar. Google Content Experiments is gratis en is dus een goede tool als je voor het eerst een A/B-test opzet. Wil je echter meer doen, dan doe je er goed aan een account te maken bij één van de 2 volgende tools.

Experiment

  • Visual Website Optimizer of Optimizely: beide tools zijn erg vergelijkbaar. Het verschil tussen VWO/ Optimizely en Google Content Experiments is vooral dit: je kunt in de visuele editor van VWO en Optimizely meteen zelf kleine aanpassingen maken aan een bepaalde pagina om een B-versie van je test aan te maken. Je hoeft dus niet een volledig nieuwe pagina op een aparte URL aan te maken. Dat gaat vrij snel en gemakkelijk. Bovendien kun je ook bijvoorbeeld tests opzetten voor bepaalde segmenten van je verkeer (bijvoorbeeld enkel desktopverkeer). Er zijn nog heel wat andere toeters en bellen aan VWO en Optimizely, maar dit zijn in ieder geval 2 belangrijke redenen waarom je VWO/ Optimizely zou kiezen in plaats van Google Content Experiments. Wees echter voorzichtig met de uitspraak van VWO en Optimizely dat je geen ontwikkelaar meer nodig hebt voor A/B-tests. Dat klopt. Tenminste, als het gaat om een eenvoudige test zoals het wijzigen van een kop, het verwijderen van een element op de pagina of het veranderen van een kleur. Voor ingrijpendere wijzigingen heb je nog steeds een ontwikkelaar nodig. Zonder kennis van code is het risico immers erg groot dat je technische fouten maakt met je test, zelfs zonder dat je je ervan bewust bent. En dat kan bijzonder schadelijk zijn voor je conversies.

Tools om landingspagina’s aan te maken

Je kunt de conversieratio van je campagnes flink verhogen door je verkeer te laten landen op landingspagina’s die je speciaal aanmaakt voor die campagnes. Zo zorg je ervoor dat je bezoekers niet landen op een algemene pagina, maar op een heel specifieke pagina die aansluit bij hun verwachtingen wanneer ze bijvoorbeeld op een bepaalde banner of zoekadvertentie hebben geklikt. Landingspagina’s kun je vrij gemakkelijk zelf aanmaken, zonder dat je daarvoor per se een ontwikkelaar nodig hebt. Met onder meer deze tools:

  • Unbounce: Unbounce is wellicht de meest bekende landingspaginatool. Wat Unbounce uniek maakt: het biedt als enige speler op de markt ‘Dynamic Text Replacement’ aan. Dat betekent dat je 1 landingspagina aanmaakt waarin bepaalde delen van de tekst automatisch worden gewijzigd in functie van de verkeersbron waarvan je bezoeker komt. Stel bijvoorbeeld dat je een Adwords-advertentie met dynamic keyword insertion gebruikt voor de zoekwoorden ‘reclamebureau’ en ‘reclame agentschap’. Als iemand zoekt met de term ‘reclamebureau’ dan krijgt hij door dynamic keyword insertion een advertentie te zien met die term en door ‘Dynamic Text Replacement’ een landingspagina met die term. Als je dat doet met ‘reclame agentschap’, dan wordt bij Unbounce ‘reclamebureau’ automatisch aangepast in ‘reclame agentschap’ op de landingspagina. Zo heeft de bezoeker veel meer het gevoel dat hij op een relevante pagina terecht is gekomen en zo verhoogt meteen de kans dat hij converteert. Zoek je een alternatief voor Unbounce, kijk dan even bij LeadPages: LeadPages is de grootste concurrent van Unbounce. Verder zijn er ook nog Lander en Instapage.
  • Optimizepress: Optimizepress is specifiek ontwikkeld voor WordPress-sites. Je kunt er je volledige blog of site mee ontwerpen zonder dat je wat van code hoeft af te weten. En je kunt er bovendien ook landingspagina’s mee aanmaken. Er zijn standaard heel wat landingspaginatemplates bij Optimizepress, die je vervolgens zelf nog wat naar je hand kunt zetten.

En jij? Gebruik je nog andere tools voor conversieoptimalisatie? Laat het me weten in de commentaren hieronder. Ik ben benieuwd!

¹ Conversie is het daadwerkelijk overgaan tot actie/ transactie op je website. In de meeste gevallen gaat dit om een aankoop in een webshop, maar het kan ook om het afsluiten van een abonnement gaan of de inschrijving voor een nieuwsbrief.
² Een funnel maakt het conversietraject/ aankoopproces op de website inzichtelijk.
Delen
Reacties

Er zijn nog geen reacties.

Reageer

Praat mee over dit onderwerp